Mozes, Jacob, Simson, David & Elvis in Trouw

Mozes, Jacob, Simson, David, Elvis
Mozes, Jacob, Simson, David,

© Fred Omvlee

Volgens Fred Omvlee, dominee en Elvisfan, is het vijfenzeventig jaar na de geboorte van The King ernst met Elvis Presley als symbool van onze menselijke conditie. „Hij is idool en gevallene, goddelijk en menselijk, rechtvaardig en zondaar tegelijk.”

Vijfenzeventig jaar geleden, op 8 januari 1935, kwam Elvis Aron Presley bijna in een stal ter wereld in Tupelo, Mississippi. Zijn levenloos geboren tweelingbroer Jesse Garon werd in een schoenendoos begraven. Elvis bleef het enige kind van Gladys en Vernon. Zijn ouders waren white trash: het was niet waarschijnlijk dat de wereld iets van hem zou horen. Maar Elvis werd in Memphis ontdekt als de missing link tussen de rhythm & blues en gospel van zijn zwarte stadgenoten enerzijds, en de blanke consumenten van de muziekindustrie anderzijds.

In het pantheon van popidolen neemt Elvis Presley een bijzondere plaats in. Hij staat symbool voor het laagste en het hoogste in de populaire westerse cultuur. Dikke mannen in witte pakken die hem probeerden te imiteren gaven Elvis als verschijnsel een hilarische status. Tegelijk erkenden musici als Leonard Bernstein, John Lennon en Bono dat hij voor henzelf en voor de hedendaagse cultuur van eminent belang is geweest. U2-zanger Bono droeg in mei vorig jaar op BBC Radio een zelfgeschreven gedicht voor waarin hij Elvis als een Amerikaanse koning David betitelt, een psalmist zelfs. Nederlandse intellectuelen als Leo Vroman, Michaël Zeeman, Abdelkader Benali en ruim tachtig andere dichters lieten zich twee jaar geleden inspireren tot een gedicht voor hem in de bundel ’Wees niet wreed. Gedichten voor Elvis Presley’.

Driekwart eeuw na zijn geboorte en ruim tweeëndertig jaar na zijn dood heeft cultuuricoon Elvis de fase van moderne heilige bereikt. Dat valt op te maken uit de cultus op zijn landgoed Graceland, uit het religieuze taalgebruik in de gedichten over Elvis en uit de manier waarop hij in kerkdiensten opduikt.

Elvis Presley werd religieus opgevoed binnen de Assemblies of God-gemeenschap in het Zuiden van de VS, het wereldwijd grootste verband van Pinkstergemeenten. Als zanger brak hij in 1955 door met ’Heartbreak Hotel’ en maakte zwarte muziek bereikbaar voor blanke jongeren. Dit tot ergernis van de blanke gevestigde orde, scholen en kerken in Noord-Amerika en Europa. Vanaf 1957 woonde hij op het landgoed Graceland in Memphis, Tennessee. Elvis ging in 1958 in militaire dienst en het voortouw in de popmuziek werd daarna overgenomen door musici als Bob Dylan en groepen als The Rolling Stones, The Beatles en The Doors. Elvis werd filmacteur en entertainer, tot zijn onverwachte dood op 16 augustus 1977, die de wereld schokte. Elvis leefde op dat moment geïsoleerd en aan medicijnen verslaafd op zijn landgoed. Joe Moscheo, begeleidingsmuzikant van Elvis, beschrijft in het boek ’The Gospel Side of Elvis’ (2007) diens geloof en wanhoop. Hij citeert een brief uit 1976: „I don’t know who I can talk to anymore. Nor to turn to. I only have myself and the Lord. Help me, Lord, to know the right thing.” (Ik weet niet meer met wie ik kan praten. Of bij wie ik terecht kan. Ik heb alleen mijzelf en de Heer. Help mij, Heer, om het juiste te weten.)

’We have reasons to believe we all will be received in Graceland’, zingt Paul Simon in het nummer Graceland (1986): we hebben redenen om te geloven dat wij allen in Graceland ontvangen zullen worden – een verwijzing naar de religieuze status van Elvis.

Peter Jan Margry, onderzoeker religieuze cultuur bij het Amsterdamse Meertens Instituut, bestudeert de moderne pelgrimage in de bundel ’Shrines and Pilgrimage in the Modern World’ (2008). Hij concludeert dat de term ’seculiere pelgrimage’ een contradictio in terminis is. Moderne pelgrimages naar het graf van Elvis op zijn landgoed in Memphis of dat van Jim Morrison op begraafplaats Père Lachaise in Parijs zijn evengoed religieus. Margry schrijft in zijn conclusie „dat vanwege diens primaire existentiële onzekerheden de mens het nog steeds nodig heeft om hogere machten aan te roepen. Als bestaande kerken en religieuze bewegingen hier niet genoeg mogelijkheden voor bieden, of als deze mogelijkheden niet langer corresponderen met de moderniteit, dan zal men zoeken naar eigen, nieuwe zoektochten naar het heilige”.

Elvisfans lijken ons voor te gaan op deze eigen zoektocht naar het heilige in de moderniteit.

Graceland wordt doorlopend druk bezocht, maar vooral in de Elvis Week, die jaarlijks op zijn sterfdag uitmondt in een stille tocht, the Candlelight Vigil, langs het graf van Elvis. Het andere jaarlijkse zwaartepunt ligt rond Elvis’ geboortedag.

Er valt een paradox waar te nemen bij de bezoekers van Graceland, schrijft de Amerikaanse hoogleraar Erika Doss in de eerder genoemde bundel van Margry. De pelgrims bij het graf van Elvis vertonen in hun gedrag, gebeden en ernst religieus gedrag en maken zodoende van hem een religieus icoon. Tegelijkertijd zijn de geïnterviewde fans zich bewust van de karikatuur die de pers graag schetst van Elvisaanbidders. Daarom wijzen ze Elvis als heilige af. Doss citeert een katholieke Elvisfan: „Er is een afstand tussen de mensen en God. Daarom staan we zo dicht bij Elvis. Hij is als een brug tussen ons en God.” Maar in feite, zegt Doss, passen de Amerikaanse Elvisfans met hun geprivatiseerde verering naadloos in de Amerikaanse kerkgeschiedenis. Elvis wordt volgens Doss gezien als fellow sufferer, als dienaar van God en als christusachtige redder.

Ook in recente poëzie over Elvis, zoals in de twintigtal gedichten in de bundel ’Wees niet wreed’, wordt in religieuze beelden en termen over hem geschreven. Zo beschrijft Diana Ozon hem als heilige:

Ik wil eruit

uit de wc

uit de pijn

uit dit lichaam

Zo stierf The King

Elvis ging dood op het toilet

’Help mij Elvis,

help me’

Ozon legt in het gedicht ’Sint Elvis’ een link tussen het particuliere leed van de ik-figuur en de verlossing die te vinden is in de gedachte dat Elvis ook zo geleden heeft.
In dezelfde bundel schrijft Abdelkader Benali hoe hij als Elvis zingt voor een dame in Beiroet:

De zware, zwoele stem contrasteert zo mooi

met het licht

Van Hezbollah. Wat is dat toch dat we Elvis

Niet willen zijn (liever niet!)

En toch hem worden wanneer we op een dag als deze,

geluk

Willen maken?

Is dit camp (in de zin van een ironische omarming van massacultuur), of is het ernst? Hoewel het een niet altijd van het ander te scheiden is – of juist daarom – neem ik de religieuze lading serieus.

De ambivalente kijk op Elvis loopt ook als een rode draad door het werk van beeldend kunstenaar Henk Tas, bijvoorbeeld in de werken ’Elvis versus God’ (1991) en ’Why me, Lord’ (2001).

Het fenomeen Elvis slaat bruggen tussen humor en ernst, hoge en lage cultuur, taal en religie.

Elvis zelf en zijn manager hebben die religieuze lading waarschijnlijk helemaal niet gewild. De eerste was een oprechte gelovige die zei dat „alleen Jezus Christus King is”. En de laatste dacht met religie en gospels geen winst te kunnen behalen.

Er is een religieuze benadering van Elvis die over the top is en humoristisch dan wel ironisch bedoeld. Zo onderzoekt Gregory Reece, filosofiedocent aan de universiteit van Alabama, in zijn boek ’Elvis Religion. The Cult of the King’ (2006) onder andere de 24 hour church of Elvis en St Elvis the Divine – Church of Elvis. Hij constateert dat deze kerken hun naam helaas niet waarmaken. De ene blijkt vooral een winkel, de andere camp.

Ik ben dominee en Elvisfan. Ik leerde het werk van Elvis Presley kennen toen hij overleed in 1977. Ik was elf jaar.

Mijn ervaringen als krijgsmachtpredikant met veelal jonge militairen hebben me geleerd dat popmuziek boordevol religieuze verwijzingen zit en dat deze muziek als spiritueel geladen ervaren wordt.

Als gemeentepredikant werd ik in 2001 in het bijzonder geraakt door het gospel-oeuvre van Elvis. Sindsdien zijn er meerdere Elviskerkdiensten in Nederland georganiseerd, waarvan enkele jaren geleden een in Paradiso. In het buitenland (Scandinavië, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten) worden ook geregeld kerkdiensten en religieuze bijeenkomsten gehouden met gospels van Elvis. Serieuze Elvis gospelwebsites uit bijvoorbeeld Groot-Brittannië en Nederland benadrukken dat Elvis een oprecht gelovige was die met zijn talenten en tekortkomingen God probeerde te dienen.

Dat is ook de teneur van de zes kerkdiensten die dominee Arjen van der Spek op initiatief van muzikaal leider Jan Getkate in het najaar van 2009 rond Elvis hield in Twente – en in dit voorjaar nog viermaal zal houden. De belangstelling is groot: steeds zaten ruim voor aanvang van de diensten – uiteindelijk zelfs twee op één dag – de kerken al vol, net als de belendende zaaltjes met videoschermen. Op de website degospelsvanelvis.nl schrijven mensen reacties als:

„Als groot Elvisliefhebber heb ik voor het eerst een kerkdienst meegemaakt en in één woord was het fantastisch; echt kippenvel.”

„Vandaag heb ik de ’Elvis-kerkdienst’ in Holten bezocht. Dit na enige twijfel, want wat heb je als niet-Christen nu in een kerk te zoeken? Uiteindelijk won de nieuwsgierigheid het en ik moet zeggen dat ik daar blij om ben! [] Ik weet zeker dat Elvis zelf supertrots zou zijn geweest als hij zou hebben geweten dat er ruim dertig jaar na zijn dood een speciale kerkdienst in-zijn-naam zou zijn gehouden. Een dienst waarin de gospels zouden worden gezongen, die hem in zijn turbulente leven enige broodnodige rust gaven. [] Namens Elvis bedankt en hartstikke goed gedaan!”

„Elvis kwam op tijd voor ons, in een periode dat voor ons niet alles op rolletjes loopt. Dankjewel, voor de geweldige boodschap die jullie brengen in woord, muziek en zang. You’ll never walk alone, He touched me. Wij hebben de dienst alle zes keer gezien.”

Het is ernst met Elvis als symbool van onze condition humaine. Hij is idool en gevallene, goddelijk en menselijk, simul iustus et peccator, rechtvaardig en zondaar tegelijk

Voor mij is het een eigen, nieuwe zoektocht naar het heilige. Het is een zoektocht omdat nog niet eerder een icoon uit de populaire cultuur zo lang kon rijpen. Wat zal het lot van Elvis zijn: vergetelheid of heiligverklaring?

Juist de feilbare kanten van bijbelse figuren als Mozes, Jacob, Simson, David, Elia, Jona, Petrus, Thomas, Paulus spreken tot de verbeelding. Er zijn hedendaagse heiligen-in-wording die eveneens deze rol vervullen, zoals Martin Luther King en Nelson Mandela. Ik durf te stellen dat in de protestantse kerken Calvijn, Bach en Bonhoeffer als heiligen vereerd worden. Theoloog Niek Schuman biedt in zijn handboek ’De weg van de liturgie’ een ’getuigenkalender’ waarin ook binnen de protestantse traditie plaats is voor andersoortige namen naast de bijbelse en klassieke heiligen. Dat biedt een opening voor protestantse heiligen, maar Schuman durft nog geen getuigen uit de populaire cultuur van de twintigste eeuw toe te laten. Elvis past in deze rij, met zijn naar eigen zeggen van God gegeven talent om te zingen en de menselijke neiging tot alle kwaad.

Ook volgens antropologe Erika Doss weerspiegelt Elvis iets van God in de wereld. Toch kunnen voorgangers en theologen hem links laten liggen: hij is irrelevant, low culture of verwerpelijk. Ik vind het interessanter om Elvis in te passen met hermeneutische vaardigheden. Hij staat symbool voor alles wat de kerk niet is en tegelijk is hij als gelovig mens en christusachtige figuur aantrekkelijk voor liturgisch gebruik. Zijn persoon en muziek zijn voor mij als predikant, muziekliefhebber en mens inspirerend.
De getalenteerde, gelovige mens Elvis bezingt zijn geloof vol hoop en wanhoop. Fans benadrukken zijn vrijgevigheid en hartelijkheid. Juist het feit dat hij vroeg en ongelukkig aan zijn eind is gekomen, maakt hem geschikt voor mijn prediking dat je ook zonder happy ending niet uit Gods hand valt. Een troost voor fellow sufferers.

Er is veel gelegen aan de wijsheid van de voorganger en aan het gehoor en zicht van de hoorder en toeschouwer. Maar het evangelie is niet los verkrijgbaar en liturgie is een riskant spel. Het gaan naar een Elviskerkdienst heeft net als het bezoeken van Graceland iets van een pelgrimage, waarin volgens Margry de beloning schuilt van transcendente hulp voor de kwetsbaarheden en onzekerheden van het dagelijkse leven.

„Elvis kwam op tijd voor ons”, zoals een kerkganger reageert. Volksheiligen dienen zich aan, ongeacht de miskenning of afwijzing van het (kerkelijke) establishment. De tijd zal leren welke moderne heiligen tijd en plaats zullen overstijgen en een blijvende plaats in de collectieve herinnering zullen innemen. Ik denk dat Elvis Presley zo’n blijvende plaats zal innemen. De spanning van het culturele fenomeen Elvis, tussen hoge en lage cultuur, God of Devil in Disguise, wordt niet opgelost. Ik laat die spanning graag bestaan op weg van banaliteit naar heiligheid. Of, met de woorden van Leo Vroman:

Elvistijd

Zij die erg in iets geloven

schommelen onder het bidden

maar alleen van boven

ongeveer tot het midden

Elvis daarentegen

geloofde in zijn Geluid

en moest er van buik tot stuit

erg van bewegen.

Straks komen dus degenen

Voor wie stilte het meest betekent

(mijzelf misschien meegerekend)

en die spartelen alleen met hun tenen.

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s